Niet dat ik vergeten ben
van mijn brief aan jou
zijn twee pagina's leeg gebleven
laat ik ze zo of vul ik ze
met praten
met verwarring scheppen heb ik
de tijd verlaten en de tijd heeft mij
het vredig zijn geleerd
vereerd ben ik
me zo met overslaan te mogen meten
niet dat ik vergeten ben
je ogen te onthouden
of het gebied dat jouw domein
van beklemming werd
niet dat ik
je niet beter had willen tekenen
zo jij ook mij
anders had zullen schetsen
we kwetsen niet expres
we staven elkaar hooguit
vanuit herinneringen die moeiteloos
tot in de eeuwigheid
in harten en hoofden rondzingen
niets doen we opzettelijk maar soms
duikt uit het zwarte ooit een dier op
met slagtanden en grauwe lompe poten
nagels en snavels om te klauwen en
te knagen aan de onverzettelijkheid
van die geliefde die soms ineens de vijand is
we doen voor elkaar niet onder
gut nee
al zijn we soms als vleugels zonder engel
als de hoeven van de duivel
zonder duivel
alles gebeurt in navolging
iets in ons komt nooit echt los
bij wie en waar het kan leeft schaamte
zich onbekommerd uit
Alfred Valstar says:
23 August 2011 at 13:20Mooi. Er komt een lied/popsong in gedachten.